Overweging en paasgedachte na de vieringen

In de afgelopen week hebben we Palmzondag, de Goede Week en de Paaswake gevierd in vieringen achter gesloten deuren. Dat lijkt eenvoudig, maar vaak was het nog best pittig. Steeds heb ik geprobeerd in de overwegingen op deze webpagina u en jou mee te nemen om zo samen op weg te zijn naar Pasen. Vanaf vrijdag 13 maart werd de Pelgrimstocht gemist. Toen waren er geen vieringen meer en werden zelfs de deuren van de kerk voor enige tijd helemaal gesloten. Er waren nog uitvaarten, soms ook gerelateerd aan het corona. Maar iedere keer ook beperkt in de mogelijkheden. In de voorbereiding op Pasen 2020 schreef ik zelfs in een overweging: “Pasen is dit jaar niet meteen het Pasen wat we kunnen vieren zoals we dat gewend waren. Of het Paaslicht dit jaar echt kan en gaat branden, ik weet het niet, wel vertrouw ik en hoop ik en hou ik me vast aan mijn geloof dat zegt: er komt een nieuwe toekomst voor u, voor jou en mij en iedereen.”

Juist deze dagen moest ik denken aan een overweging van alweer jaren gleden. In die overweging had ik een terugblik op mijn jeugd. Wat ik toen beleefde aan Pasen. En vooral dat ik daarbij moest denken aan de tijd dat ik acoliet was in de Leonarduskerk in Oosterhout Gelderland. De Paasviering bij pastoor Bunnik. Ja dat is echt een verhaal uit de oude doos, de goede man is bijna veertig jaar geleden overleden. Als acoliet had je in de Paaswake voldoende te doen, zeg maar gerust, geen tijd om even bij te komen, want dan was er weer iets met kaarsen aansteken, met wierook klaarmaken en zo meer. Het koor zette haar beste beentje voor en zong de sterren van de hemel, het ene alleluja na het andere alleluja. En de viering hij duurde voort. Een feest om je geloof te vieren. De kerk in het donker en aan het eind was elk kaarsje ontstoken en brandde elke lamp. Buiten was het donker, maar binnen was alles volop verlicht. En nogmaals klonk het van het koor: Alleluja, de Heer is waarlijk opgestaan. Ik kan me van de preek van pastoor Bunnik niet zoveel meer herinneren. Maar aan alles voelde je wel dat er een nieuw begin was gemaakt. Ja we waren samen op weg naar een nieuwe toekomst…ach ja, ik was ook nog erg jong en had inderdaad nog een hele toekomst voor me…het zal Pasen 1981 zijn geweest…

Weet u, dat Pasen van toen dat raakt me nog steeds en elk jaar weer dan is het een feest om het Hoogfeest van de kerk te mogen vieren zo’n hele week lang. Elke dag zijn de vieringen weer anders. Ik zeg dan weleens: je gaat er zo lekker inhangen. Palmpasen met een processie, Witte Donderdag met de dienstbaarheid en de eucharistie, Goede Vrijdag de stilte én de schaamte om het lijden, Stille Zaterdag je al een beetje zitten te verkneukelen dat het ’s avonds gevierd mag worden. De hele dag hangt het in de lucht en dan ’s avonds gaan we los: Licht van Christus en de Paasjubelzang, de kaarsjes en het Scheppingsverhaal, de liederen van het koor, de voorbede met intenties en dan voel je dat er een nieuw begin gemaakt mag en kan worden. In dankbaarheid vieren we de eucharistie en aan het eind klinkt er Alleluja of U zij de glorie. Maar we zingen het uit en het Paasfeest mag gevierd…

Zo anders was het in 2020…spreken over verrijzenis, over opstaan uit de dood en dan de beperkingen aan alle kanten voelen. Weten dat parochianen letterlijk de dood naast zich weten en ook na een week nog niets van opstaan uit de dood hebben meegemaakt. De dood kennen we maar al te goed en ook het verdriet dat het meebrengt. Van wat er over de dood heen ligt, kunnen we alleen maar dromen. Het is niet eenvoudig om te zien wat onzichtbaar is.

Met Pasen wil je zo graag preken over de kracht, de sterkte, over het goede, de hoop, over de Liefde en wat ons verbindt. Maar in deze tijden van corona kunnen we dan wel zien wat onzichtbaar is. Is dat juist niet wat ook zoveel angst inboezemt. Het virus is onzichtbaar…

De coronacrisis maakt van Pasen dit jaar een ander feest. Veel van onze mooie en vertrouwde rituelen blijven dit jaar “achter gesloten deuren”.  We hebben wel gevierd van Palmzondag, de viering van Witte Donderdag en de overweging bij de Kruisweg. Ja zelfs de Paasnacht. Maar alles achter gesloten deuren. En dan juist maakt corona wel heel duidelijk waar het met Pasen omgaat: zien wat onzichtbaar is. Want omwille van het onzichtbare kleine virus blijven we op afstand van elkaar, wel anderhalve meter ver, geven we geen handen meer, raken elkaar zo weinig mogelijk aan. Ja noodgedwongen geloven we in wat we niet zien, omdat de gevolgen maar al te zichtbaar zijn.

Daarentegen zien we wellicht beter dan vroeger de kracht van het kleine goede, dat groots uitgroeit in deze dagen. We zien mensen in de zorg die dag na dag het beste van zichzelf geven. We zien ook dat er solidariteit en verbondenheid is in de buurt met wie minder goed te been of alleen is. We merken mensen op die iets in zichzelf, elkaar of zelfs in de natuur ontdekken.

Hier en daar zie ik en hoor ik bemoediging van mensen die  samen onze angst bezweren en elkaar recht houden. Niet overgaan tot roekeloos gedrag, maar elkaar ook niet de put in praten. Niet de maatregelen van overheid negeren, maar optimistisch en enthousiast nieuwe wegen gaan. Misschien kun je wel zeggen we hebben elkaar nog nooit zo stevig vastgehouden en omarmd dan nu we elkaar letterlijk niet mogen aanraken.

Ook op deze Tweede Paasdag wens ik u en jou ondanks alles goede dagen en nog een Zalig Pasen.

Blijf gezond, pas een beetje op elkaar.
We houden afstand, minstens anderhalve meter,
maar we zijn misschien wel dichter bij elkaar dan ooit.

P.S. de foto’s van de Paaswake komen nog. Nog eventjes geduld!?!